Tekstvak:

competentiegericht onderwijs

Een competentie is een combinatie van kennis, vaardigheden en attitude. Voorbeelden van competenties zijn projectplanning en organiseren eigen werk, maar ook b.v. taalvaardigheid. Competentiegericht onderwijs gaat er vanuit dat een beginnend beroepsbeoefenaar bepaalde competenties moet hebben. Indien hij/zij aantoont vereiste competenties voldoende te beheersen
kan diplomering plaatsvinden.


Veel vrijheid
Mensen denken dat  competentiegericht onderwijs een nieuwe concept is. Dat is niet zo. Onderwijsinstellingen mogen zelf bepalen hoe zij het vormgeven. Zij kunnen bijvo
orbeeld kiezen voor een volledig eigen weg naar de beoogde leerdoelen.
Omdat de praktijk uitgangspunt is, is het (zelfstandig) werken in groepsverband belangrijk. Hoe dit in zijn werk gaat, kan de opleiding geheel zelf bepalen. Competentiegericht onderwijs vraagt om maatwerk en individuele trajecten. 
Daarbij wordt de docent veelal trainer/coach in het opleidingstraject.

Daarna aan het werk
Werkgevers willen werknemers die bepaalde competenties hebben. Competentiemanagement vormt al een aantal jaar de basis voor het personeelsbeleid. Functioneringsgesprekken meten deze competenties jaarlijks.
Het mbo speelt met competentiegericht onderwijs dus in op de ontwikkelingen in het bedrijfsleven.
Door deze ontwikkeling zal de onderlinge relatie versterkt worden.

Praktijkgericht
Heeft competentiegericht onderwijs dan helemaal geen kenmerken? Ja, dat wel. Zo is de praktijk altijd het uitgangspunt. Studenten leren zoveel mogelijk in de beroepscontext. Ze gaan eerder naar bedrijven toe of werken in een simulatieomgeving.
Een goede stage(begeleiding) is het fundament voor een degelijke competentiegerichte opleiding.


Kwalificatiedossier
Competentiegerichte opleidingen gaan uit van zogenoemde kwalificatiedossiers. In deze dossiers staan onder andere de competenties die een beginnend beroepsbeoefenaar moet hebben voor een bepaald beroep.

 

 


WSTO Training en Ontwikkeling